Hoofdpijndriehoek, hoofdpijncontinuüm en hoofdpijnspectrum

Hoofdpijn in schema

Prof. Dr. E.L.H. Spierings

Hoofdpijn doet zich voor in vele vormen en met veel verschillende symptomen. We noemen het daarom een complexe aandoening. Dat is verwarrend voor arts èn patiënt. De ontwikkeling van een schematische voorstelling kan hier een helpende hand bieden en inzicht verschaffen. De hoofdpijn-indeling (classificatie), zoals voorgesteld door de International Headache Society, is vrij willekeurig en stoelt niet op klinisch onderzoek en biologische argumenten. De schema's die wij hier presenteren, hebben betrekking op de onderlinge relatie van en wisselwerking tussen de meest voorkomende hoofdpijnvormen. Het is met name de onderlinge wisselwerking die het vaak zo moeilijk maakt hoofdpijnen te onderscheiden.

De in de bevolking meest voorkomende hoofdpijnvormen zijn: spanningshoofdpijn, sinushoofdpijn en migrainehoofdpijn. Migrainehoofdpijn is het minst frequent maar het best onderzocht en heeft een vóórkomen van 10-15%. Spanningshoofdpijn wordt vrijwel algemeen ervaren en het vóórkomen van sinushoofdpijn is mij niet bekend. Over de mechanismen die aan de drie meest voorkomende hoofdpijnvormen ten grondslag liggen, bestaat discussie. Mijn inziens wordt migrainehoofdpijn veroorzaakt door verwijding en ontsteking van slagaders in het hoofd. Spanningshoofdpijn ontstaat door overmatige aanspanning van hoofd- en nekspieren en sinushoofdpijn door afsluiting van aangezichtsholten en de ontwikkeling van onderdruk daarin.

De hoofdpijndriehoek geeft de onderlinge wisselwerking aan tussen spanningshoofdpijn, sinushoofdpijn en migrainehoofdpijn (Figuur 1). Spanningshoofdpijn kan aanleiding geven tot migrainehoofdpijn en andersom: migrainehoofdpijn kan ook aanleiding geven tot spanningshoofdpijn (zie tevens onder hoofdpijncontinuüm). Onderzoek heeft aangetoond dat prikkeling van de aangezichtsholten de spanning in de nekspieren doet toenemen. Hierdoor kan sinushoofdpijn ook leiden tot spanningshoofdpijn.

Het hoofdpijncontinuüm geeft de onderlinge relatie aan van en wisselwerking tussen spanningshoofdpijn en migrainehoofdpijn in de ontwikkeling van dagelijkse hoofdpijn (Figuur 2). Migrainehoofdpijn, door de intensiteit van de pijn, verhoogt de spanning in de spieren van hoofd en nek. Komt deze spanning boven een bepaald niveau, dan wordt hierdoor de doorbloeding van de spieren belemmerd. Dit leidt tot opening van de slagaders, onder andere de slagader die in de slaapstreek loopt en bovenop een grote (kauw)spier ligt. Dit is ook de slagader die in het bijzonder is betrokken bij de migrainehoofdpijn en die de bonzende pijn in de slaapstreek geeft. Op deze wijze kunnen zowel migrainehoofdpijn als spanningshoofdpijn leiden tot chronische spanningsvaathoofdpijn.

Het hoofdpijnspectrum geeft de onderlinge relatie aan van de zogenaamde vaathoofdpijnen: stekende hoofdpijn, paroxysmale hemicrania, clusterhoofdpijn en migrainehoofdpijn (Figuur 3). De vaathoofdpijnen worden, zoals boven vermeld, veroorzaakt door verwijding en ontsteking van slagaders in het hoofd. Van stekende hoofdpijn naar migrainehoofdpijn worden de aanvallen van de hoofdpijn langer in duur en, over het algemeen, minder frequent. Bij stekende hoofdpijn duren de aanvallen enkele tientallen seconden en kunnen vele honderden keren per dag optreden. Bij paroxysmale hemicrania duren de aanvallen 10-30 minuten en treden 5-15 keer per dag op. Bij clusterhoofdpijn duren de aanvallen -2 uur en treden 1-2 keer per dag op. Bij migrainehoofdpijn duren de aanvallen meestal 12-24 uur en treden veelal 1-2 keer per maand op, bij vrouwen vaak in relatie tot de menstruele cyclus.

Credit:
Prof. Dr. E.L.H. Spierings is als neuroloog/hoofdpijnspecialist verbonden aan Harvard Medical School, Boston, Massachusetts, V.S.

Correspondentie:
Nederlandse Vereniging van Hoofdpijnpatiënten
Postbus 65
6660 AB Elst

Uit het blad "Hoofdzaken" van de NVvMP

Terug naar Medisch

Terug naar de Migrainerubriek